column

Benkelek memint

22 januari 2009

Nog even, en het is weer zover.
Nog even, en: "'t pekske kint weer oet de kas!"
Aanstaande zondag wordt de Prins ingehaald en dan zoveel weken later hangt het Mooswief weer oppe Vriethof.
Eerst het "benkelek memint" en dan kan het aftellen beginnen.
Qua timing hebben we dit jaar geluk.
Dit jaar valt Carnaval op een gezegend moment.
Dat was vorig jaar wel anders. Toen werd de Prins op de 1e zondag van het nieuwe jaar aan het volk getoond.
De oliebollen waren nog niet koud of we moesten alweer aan de nonnevotten. Dat gief 't z'ch toch neet.
Nee, Carnaval moet vallen op een moment dat je de lente heel in de verte kan ruiken maar de winter nog toch nog in het land is.
De demonen van de winter, die jaag je eind februari het land uit, zoiets doe je niet in januari. In januari koester je die duistere krachten.
Je moet ze ook weer niet te lang in huis houden. Carnaval in maart, dat werkt ook niet.
In maart, zo leert ons dat oude gedichtje, loert de zomer reeds om de hoek.

Maartse buien
die beduien
dat de zomer
aan komt kruien

Zomer en Carnaval, dat werkt alleen aan de andere kant van de wereld.
Met Carnaval wordt van oudsher het feest van het dier gevierd. Van de haas en de haan.
Van de ezel en de bok, de uil en het varken en zoiets vier je niet in de zomer.
Dus wat dat betreft hebben we dit jaar geluk.
Ederein krijg de kans um op 't zjuste memint zienen eige gek te beleve!

Guido Wevers